Warmvast staal
Warmvast staal, ook hittevast staal genoemd, houdt zijn sterkte bij temperaturen waar constructiestaal en ketelplaat dat niet meer doen. Voor leidingwerk, ketels en installaties die permanent boven de 400 graden werken.
- 16Mo3
- Tot circa 500 °C
- 13CrMo4-5
- Tot circa 550 °C
- Norm
- EN 10028-2
- Lassen
- Met voorwarmte
Vraag direct een offerte aan
Stuur je tekening of beschrijf wat je nodig hebt. Een verkoper rekent het na en je krijgt een offerte op maat.
- Vanaf 1 stuk, ook in zware diktes
- Met 3.1-certificaat, 3.2 op aanvraag, overgestempeld waar nodig
- Geen verplichtingen
16Mo3 en 13CrMo4-5 naast elkaar
16Mo3 is de meest gebruikte warmvaste staalsoort: staal met circa 0,3 procent molybdeen, tot circa 500 °C. De vloeigrens bij kamertemperatuur is 275 N/mm², de treksterkte 440 tot 590 N/mm². Het werkstoffnummer is 1.5415, de oude aanduiding 15Mo3. Nabij ligt het Amerikaanse A204 Gr A (ASTM).
13CrMo4-5 gaat een stap verder dan 16Mo3 door de toevoeging van chroom naast molybdeen, tot circa 550 °C. De vloeigrens bij kamertemperatuur is 300 N/mm², de treksterkte 450 tot 600 N/mm². Het werkstoffnummer is 1.7335. Nabij ligt het Amerikaanse A387 Gr 12 (ASTM).
Tot circa 400 °C volstaat P265GH ketelplaat, de standaard druktoepassing. Boven 550 °C of bij agressieve media komen hoger gelegeerde soorten in beeld. Dat bekijken we per project.
Certificering bij warmvast staal
Kies 16Mo3 voor een ketel of leiding die op temperatuur maatvast moet blijven, omdat molybdeen kruip vertraagt (het langzaam vervormen onder constante belasting), en 13CrMo4-5 bij hete gassen of stoom, omdat chroom weerstand geeft tegen oxidatie (verbranden van het oppervlak).
- 01 Installaties die op temperatuur en onder druk werken, worden gekeurd.
- 02 Per deel moet aantoonbaar zijn uit welke smelt het komt.
- 03 Wij leveren met 3.1-materiaalcertificaat, 3.2 op aanvraag, en stempelen gesneden delen over, zodat de herleidbaarheid na het snijden blijft bestaan.
- 04 Externe keuring is mogelijk, zie certificering.
“Bij warmvast staal vraagt de keuring altijd naar het certificaat. Geef bij je aanvraag door welk certificaat je nodig hebt, dan regelen wij de rest.”
Over warmvast staal
Staat je vraag er niet bij? Beschrijf de toepassing, dan adviseren wij de soort en de dikte.
P265GH ketelplaat is gespecificeerd tot circa 400 °C. Werkt de installatie daarboven, dan heb je 16Mo3 of 13CrMo4-5 nodig.
De keuze volgt uit de werktemperatuur en uit wat er langs het materiaal stroomt. De grenzen van circa 500 en 550 °C zijn richtwaarden. De keuze hangt ook af van de druk, de gewenste levensduur en het keuringsregime van de installatie. Dat is een beslissing van de constructeur.
Warmvast staal is gelegeerd. Bij het lassen zijn voorwarmte en een nabehandeling nodig om spanningen eruit te halen, bij 13CrMo4-5 kritischer dan bij 16Mo3 vanwege het chroom. Dient de snijkant direct als laskant, dan moeten de hoek en de kwaliteit kloppen, want nawerken kost bij gelegeerd materiaal meer dan bij constructiestaal. Geef bij je aanvraag door of je een laskant nodig hebt. Daarvoor gebruiken wij autogeen snijden.
15Mo3 is de oude aanduiding. 16Mo3 is de huidige benaming onder EN 10028-2.